Het nieuwe toezicht op banken

Readability

Het nieuwe toezicht op banken

Tony de BreeHet con­fer­en­tie– en events-​seizoen is weer begonnen (onder andere bij Sus­tain­able Finance Lab, Nyen­rode, KPMG/​WIFS, RTL Z en BNR) en wat daar­bij opvalt is dat er een aan­tal thema’s hot blijkt te zijn in Ned­er­land. Zo zie je veel events over ‘Effec­tief toezicht’, ‘Uni­ver­sal bank­ing’,‘ Split­sen van banken’ en over ‘Leiderschap’.

Mensen uit de dagelijkse prak­tijk wor­den niet uitgen­odigd.

Wat in het oog springt is dat, in tegen­stelling tot andere lan­den in Europa en de Verenigde Staten, organ­isatoren in Ned­er­land vooral the­o­retici, con­sul­tants, toezichthoud­ers en pro­fes­soren uitn­odi­gen – ondanks de oproep door onder anderen Her­man Wijf­fels tot dialoog, samen­werk­ing en diver­siteit. Het vakge­bied van die pro­fes­soren heeft vaak niets of weinig van doen met het onder­w­erp in kwestie. Het­zelfde geldt trouwens ook voor de uitgen­odigde politici – vaak zijn het de zoge­naamde finan­ciële experts, woord­vo­erders van Tweede Kamer-​fracties en mensen als Jan de Wit (van de commissies-​de Wit). Datzelfde patroon zie je terug bij talk­shows op tv en radio. En in de geschreven media.

Hier telt dus vooral of je een pub­liek­strekker bent, veel vol­gers hebt op Twit­ter of veel gevraagd wordt. Die aan­pak heeft er de afgelopen jaren mede toe geleid dat er in de ban­caire sec­tor weinig tot niets is veran­derd. En dat er niet of nauwelijks is geleerd van de lessen uit het verleden over waarom het toezicht op banken zo hopeloos heeft gefaald, zowel prak­tisch als theoretisch.

Hoe komt het dat het toezicht keer op keer faalt?

De eerste vraag die je jezelf dan zou moeten stellen is: hoe komt het dat het toezicht op banken sinds de jaren negentig keer op keer heeft gefaald? Ondanks het voort­durende ‘regels-​stapelen’ en de enorme toe­name aan de interne en externe con­troles. En ondanks de vele con­fer­en­ties en de grote aan­tallen ‘experts’. Ik weet wel hoe dat komt. Ik weet dit aangezien ik van 1994 tot 1997, toen de derivaten de finan­ciële mark­ten over­spoelden, hoofd Global Cus­tody was, en ik werkte na 11 sep­tem­ber in de finan­ciële off-​shore indus­try en had te maken met de jacht op Al Qaida, het wit­wassen van geld en ‘the War on Ter­ror’. Daarna werkte ik bij Global Com­pli­ance en Global Due Dili­gence en tot slot ook nog vijf jaar als splits­ings­man­ager bij ABN AMRO na de aan­val door RBS, For­tis en San­tander en tij­dens de Rem­edy in opdracht van mevrouw Kroes (lees hier alle details van een insider).

Dus wat zag ik mis­gaan? Overal gin­gen de ver­schil­lende toezichthoud­ers intern en extern steeds meer papieren pro­ce­dures en for­mulieren invo­eren, maar daar­bij namen ze de realiteit van de wereld­wi­jde virtuele bancaire/​financiële wereld totaal niet mee. Op geen enkel moment wer­den wij als prak­tijk­mensen betrokken bij het eval­ueren van de effec­tiviteit van de genomen maa­trege­len. Inte­gen­deel, we moesten de klanten van de bank met steeds meer onzin lastig vallen, ter­wijl de echte boeven gewoon door kon­den gaan. Wat voor­beelden: we moesten een kopie van het paspoort vra­gen van leden van het Konin­klijk Huis, mon­niken vra­gen om een paspoort te laten maken, mensen vra­gen om bewijs voor hun erfe­nis – en zo kan ik nog wel even door­gaan. Het resul­taat? Een steeds grotere irri­tatie bij klanten, steeds meer bureau­cratie rond ‘ken je klant’ (‘know-​your-​customer’), een opeen­stapel­ing van elkaar tegen­sprek­ende lokale, Europese en inter­na­tionale regels, en steeds hogere kosten in tijd en geld, door­berek­end aan de klanten. Voor risk, com­pli­ance en nog veel meer.

Het kan anders.

Ter­wijl het ook anders kan. De toekomst van slim en inno­vatief ban­cair toezicht ligt in elek­tro­n­isch toezicht (zoals Nick Lee­son zei toen ik hem inter­viewde), waaron­der e-​compliance, het inhuren van top­mensen met prak­tis­che ervar­ing wereld­wijd (‘boeven vang je met boeven’), en het afschaf­fen van veel papieren pro­ce­dures waar­van in de prak­tijk is gebleken dat ze niet helpen, en waar alleen de grote advies­bu­reaus en de organ­isatoren van events en con­fer­en­ties grof geld aan lijken te verdienen.

Daar­naast moeten dege­nen die het toezicht en de regels en de wet­ten verzin­nen dit doen in voort­durende dialoog met mensen uit de prak­tijk. Om te kijken wat in de prak­tijk heeft gew­erkt en wat niet. En dat in teams die ook nog eens divers zijn; op nation­aal en inter­na­tion­aal niveau en in een open dialoog. Dit pro­ces begint met luis­teren en leren – dat is namelijk slim man­age­ment van menselijk kap­i­taal. Want op dit moment zijn we niet het wiel opnieuw aan het uitvin­den, maar het hout. Dus, wie durft?

Meer columns en artike­len lezen? Zie onder cat­e­gorie ‘Toezicht banken’ en artike­len hier.

Tony de Bree
Twit­ter @dagboekbankier.

Dit blog ver­scheen eerder in decem­ber 2012 bij B&E.

Tony de BreeHet conferentie- en events-seizoen is weer begonnen (onder andere bij Sustainable Finance Lab, Nyenrode, KPMG/WIFS, RTL Z en BNR) en wat daarbij opvalt is dat er een aantal thema’s hot blijkt te zijn in Nederland. Zo zie je veel events over ‘Effectief toezicht’, ‘Universal banking’,‘ Splitsen van banken’ en over ‘Leiderschap’.

Mensen uit de dagelijkse praktijk worden niet uitgenodigd.

Wat in het oog springt is dat, in tegenstelling tot andere landen in Europa en de Verenigde Staten, organisatoren in Nederland vooral theoretici, consultants, toezichthouders en professoren uitnodigen – ondanks de oproep door onder anderen Herman Wijffels tot dialoog, samenwerking en diversiteit. Het vakgebied van die professoren heeft vaak niets of weinig van doen met het onderwerp in kwestie. Hetzelfde geldt trouwens ook voor de uitgenodigde politici – vaak zijn het de zogenaamde financiële experts, woordvoerders van Tweede Kamer-fracties en mensen als Jan de Wit (van de commissies-de Wit). Datzelfde patroon zie je terug bij talkshows op tv en radio. En in de geschreven media.

Hier telt dus vooral of je een publiekstrekker bent, veel volgers hebt op Twitter of veel gevraagd wordt. Die aanpak heeft er de afgelopen jaren mede toe geleid dat er in de bancaire sector weinig tot niets is veranderd. En dat er niet of nauwelijks is geleerd van de lessen uit het verleden over waarom het toezicht op banken zo hopeloos heeft gefaald, zowel praktisch als theoretisch.

Hoe komt het dat het toezicht keer op keer faalt?

De eerste vraag die je jezelf dan zou moeten stellen is: hoe komt het dat het toezicht op banken sinds de jaren negentig keer op keer heeft gefaald? Ondanks het voortdurende ‘regels-stapelen’ en de enorme toename aan de interne en externe controles. En ondanks de vele conferenties en de grote aantallen ‘experts’. Ik weet wel hoe dat komt. Ik weet dit aangezien ik van 1994 tot 1997, toen de derivaten de financiële markten overspoelden, hoofd Global Custody was, en ik werkte na 11 september in de financiële off-shore industry en had te maken met de jacht op Al Qaida, het witwassen van geld en ‘the War on Terror’. Daarna werkte ik bij Global Compliance en Global Due Diligence en tot slot ook nog vijf jaar als splitsingsmanager bij ABN AMRO na de aanval door RBS, Fortis en Santander en tijdens de Remedy in opdracht van mevrouw Kroes (lees hier alle details van een insider).

Dus wat zag ik misgaan? Overal gingen de verschillende toezichthouders intern en extern steeds meer papieren procedures en formulieren invoeren, maar daarbij namen ze de realiteit van de wereldwijde virtuele bancaire/financiële wereld totaal niet mee. Op geen enkel moment werden wij als praktijkmensen betrokken bij het evalueren van de effectiviteit van de genomen maatregelen. Integendeel, we moesten de klanten van de bank met steeds meer onzin lastig vallen, terwijl de echte boeven gewoon door konden gaan. Wat voorbeelden: we moesten een kopie van het paspoort vragen van leden van het Koninklijk Huis, monniken vragen om een paspoort te laten maken, mensen vragen om bewijs voor hun erfenis – en zo kan ik nog wel even doorgaan. Het resultaat? Een steeds grotere irritatie bij klanten, steeds meer bureaucratie rond ‘ken je klant’ ('know-your-customer'), een opeenstapeling van elkaar tegensprekende lokale, Europese en internationale regels, en steeds hogere kosten in tijd en geld, doorberekend aan de klanten. Voor risk, compliance en nog veel meer.

Het kan anders.

Terwijl het ook anders kan. De toekomst van slim en innovatief bancair toezicht ligt in elektronisch toezicht (zoals Nick Leeson zei toen ik hem interviewde), waaronder e-compliance, het inhuren van topmensen met praktische ervaring wereldwijd (‘boeven vang je met boeven’), en het afschaffen van veel papieren procedures waarvan in de praktijk is gebleken dat ze niet helpen, en waar alleen de grote adviesbureaus en de organisatoren van events en conferenties grof geld aan lijken te verdienen.

Daarnaast moeten degenen die het toezicht en de regels en de wetten verzinnen dit doen in voortdurende dialoog met mensen uit de praktijk. Om te kijken wat in de praktijk heeft gewerkt en wat niet. En dat in teams die ook nog eens divers zijn; op nationaal en internationaal niveau en in een open dialoog. Dit proces begint met luisteren en leren – dat is namelijk slim management van menselijk kapitaal. Want op dit moment zijn we niet het wiel opnieuw aan het uitvinden, maar het hout. Dus, wie durft?

Meer columns en artikelen lezen? Zie onder categorie 'Toezicht banken' en artikelen hier.

Tony de Bree
Twitter @dagboekbankier.

Dit blog verscheen eerder in december 2012 bij B&E.

Bericht nog niet beoordeeld en aangevuld.
Dit bericht is geplaatst in Toezicht op banken met de tags , , , , , , , , , , , , . Bookmark de permalink.